Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.[gedaagde 1] [woonplaats 1],
2.
[gedaagde 2]te [woonplaats 2],
1.Waar gaat de zaak over?
2.De procedure
3.De feiten
Familie [gedaagde 2]
Familie [gedaagde 2]
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Den Haag
Building Leisure heeft een maatwerk prefab woonunit geproduceerd en geleverd, waarvoor zij betaling vordert van gedaagde 1 en 2. Gedaagde 1 is verstek en overleden, gedaagde 2 betwist dat hij partij is bij de overeenkomst. De rechtbank onderzoekt wie de opdrachtgever is.
De feiten tonen dat gedaagde 2 de communicatie voerde en de facturen op zijn naam stonden, maar de opdrachtbevestiging is door gedaagde 1 ondertekend in aanwezigheid van gedaagde 2 en Building Leisure. Gedaagde 2 gaf aan namens gedaagde 1 te handelen en vroeg pas later om tenaamstellingfacturen te wijzigen.
De rechtbank oordeelt dat de overeenkomst uitsluitend met gedaagde 1 is gesloten, omdat Building Leisure had moeten begrijpen dat zij de opdrachtgever was en er geen aanwijzingen zijn dat gedaagde 2 mede-opdrachtgever is. De vordering tegen gedaagde 2 wordt afgewezen, tegen gedaagde 1 toegewezen tot betaling van € 94.380 plus rente en proceskosten. De buitengerechtelijke incassokosten worden niet toegewezen wegens ontbreken van een correcte aanmaningstermijn.
Uitkomst: Vordering tegen gedaagde 1 toegewezen tot betaling € 94.380 plus rente, vordering tegen gedaagde 2 afgewezen.