Op 15 mei 2022 reed de verdachte zonder geldig rijbewijs en negeerde een rood verkeerslicht op een kruising in Den Haag, waardoor hij in botsing kwam met een motorfiets. De bestuurder en passagier van de motorfiets liepen zwaar lichamelijk letsel op. De rechtbank oordeelde dat de verdachte aanmerkelijk onvoorzichtig en onoplettend had gehandeld, wat het ongeval veroorzaakte.
De rechtbank nam kennis van de verklaringen van de slachtoffers, getuigen en het proces-verbaal van verkeersongevallenanalyse, waaruit bleek dat de verdachte 4,8 seconden rood licht had toen hij de kruising opreed. De verdediging stelde dat de verdachte een groen licht passeerde en de aanwijzingen van een verkeersregelaar volgde, maar deze stellingen werden verworpen.
De verdachte werd vrijgesproken van de tenlastelegging dat hij met een te hoge snelheid reed, omdat dit niet wettig en overtuigend bewezen kon worden. De rechtbank stelde vast dat de verdachte wist dat zijn rijbewijs ongeldig was en toch reed. Gezien de ernst van het letsel, de omstandigheden en de persoonlijke situatie van de verdachte, legde de rechtbank een taakstraf van 180 uur op en een voorwaardelijke rijontzegging van 12 maanden met een proeftijd van 3 jaar.