ECLI:NL:RBDHA:2025:3813
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Oezbeekse eiser wegens ongeloofwaardigheid en niet-tijdige indiening
Eiser, een Oezbeekse nationaliteit dragende asielzoeker, diende op 31 januari 2023 een aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde bedreigd te zijn door een buurman vanwege een niet-terugbetaalde lening, met een explosie bij zijn woning als gevolg, en vreesde vervolging vanwege kritische uitingen op social media.
Verweerder oordeelde dat de identiteit en herkomst van eiser geloofwaardig waren, maar de problemen rondom de lening en social media-uitingen niet. Eiser had zijn asielaanvraag bovendien niet binnen 48 uur na aankomst ingediend zonder geldige reden, waardoor de aanvraag als kennelijk ongegrond werd afgewezen.
De rechtbank bevestigde dit oordeel, wijzend op inconsistenties in het relaas van eiser, onvoldoende bewijs voor het causaal verband tussen bedreigingen en explosie, en het ontbreken van een reëel risico bij terugkeer. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt ongegrond verklaard en de asielaanvraag wordt afgewezen als kennelijk ongegrond.