ECLI:NL:RBDHA:2025:3908
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- J.M. Emaus-Visschers
- Rechtspraak.nl
Verzoek voorlopige voorziening afgewezen wegens niet-betaling griffierecht
In deze zaak heeft de voorzieningenrechter van de Rechtbank Den Haag op 7 maart 2025 beslist over een verzoek om voorlopige voorziening van verzoeker tegen de intrekking van zijn verblijfsvergunning als familie- of gezinslid. De minister had de verblijfsvergunning ingetrokken op 21 februari 2023 en dit besluit gehandhaafd bij bezwaar op 26 maart 2024.
Verzoeker vroeg om een voorlopige voorziening en tevens om vrijstelling van het griffierecht. De griffier heeft verzoeker meerdere malen verzocht het formulier voor vrijstelling in te vullen en het griffierecht te betalen. Verzoeker heeft hier niet op gereageerd en het griffierecht niet voldaan.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het verzoek om voorlopige voorziening niet-ontvankelijk is wegens het niet betalen van het griffierecht en het niet voldoen aan de voorwaarden voor vrijstelling. De minister hoeft de proceskosten van verzoeker niet te vergoeden. Er is geen zitting gehouden en tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening is niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.