ECLI:NL:RBDHA:2025:3970
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging afwijzing asielaanvraag Senegal wegens onjuiste veilige land aanwijzing
Eiser, een Senegalese asielzoeker, diende op 23 november 2024 een aanvraag tot verblijfsvergunning asiel in, welke door verweerder op 7 december 2024 in de grensprocedure als kennelijk ongegrond werd afgewezen met een terugkeerbesluit en inreisverbod van twee jaar.
De rechtbank oordeelt dat verweerder Senegal ten onrechte als veilig land van herkomst heeft aangemerkt, mede gelet op een arrest van het Hof van Justitie van de EU van 4 oktober 2024 en een eerdere uitspraak van deze rechtbank van 8 januari 2025. Het uitzonderen van groepen binnen Senegal is niet verenigbaar met de Procedurerichtlijn, waardoor de toepassing van artikel 3.37f van het Voorschrift Vreemdelingen 2000 onverbindend is.
Verder heeft verweerder nagelaten eiser voorafgaand aan het gehoor de gelegenheid te geven een advocaat te raadplegen, in strijd met artikel 3.109, vierde lid, van het Vreemdelingenbesluit 2000. Ook is het besluit onzorgvuldig voorbereid omdat mogelijk relevante bewijsstukken op de zoekgeraakte telefoon van eiser niet zijn betrokken.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt het bestreden besluit en draagt verweerder op binnen zes weken een nieuw besluit te nemen waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen. Verweerder wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het bestreden besluit wordt vernietigd en verweerder moet een nieuw besluit nemen waarbij rekening wordt gehouden met deze uitspraak.