ECLI:NL:RBDHA:2025:400
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing huisvestingsvergunning wegens overschrijding inkomensgrens
Eiseres heeft beroep ingesteld tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een huisvestingsvergunning voor een woning in Den Haag. Verweerder had de aanvraag afgewezen omdat het huishoudinkomen van eiseres hoger was dan de inkomensgrens die geldt voor de betreffende huurklasse.
Eiseres stelde dat zij niet was geïnformeerd over de noodzaak van een huisvestingsvergunning en dat haar inkomen onjuist was berekend. Zij voerde aan dat zij in 2022 wel aan de inkomensvereisten voldeed en toen een vergunning zou hebben aangevraagd als zij daarvan op de hoogte was geweest.
De rechtbank oordeelde dat verweerder de aanvraag terecht had afgewezen. De rechtbank stelde vast dat het inkomen van eiseres in 2023, ook na correctie, nog steeds boven de inkomensgrens lag. Daarnaast voldeed eiseres in 2022 niet aan de toen geldende inkomensgrens. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiseres kreeg geen vergoeding van proceskosten of griffierecht terug.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de huisvestingsvergunning bevestigd.