Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
uitspraak van de meervoudige kamer van 4 maart 2025 in de zaak tussen
[eiseres] B.V, gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder.
Procesverloop
Namens verweerder zijn [naam 3] en [naam 4] verschenen.
Overwegingen
Geschil7. In geschil is of terecht een bedrag van € 1.322.000 aan overdrachtsbelasting door eiseres is voldaan ter zake van de verkrijging van het geplaatste aandelenkapitaal in de onroerend goed B.V. ‘s.Tussen partijen is niet in geschil dat dat de onroerend goed B.V.’s voldoen aan de bezitseis van artikel 4, eerste lid, onder a van de Wet op belastingen van rechtsverkeer 1970 (WBR). Of voldaan wordt aan de doeleis van dit artikel is wel in geschil.
Rechtspersonen die aan de voorwaarden van dit artikel voldoen worden aangeduid als Onroerende zaak rechtspersoon (OZR).
Beslissing
mr. H.W.M. van Kesteren, leden, in aanwezigheid van mr. B. van Eeuwijk, griffier.
De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 4 maart 2025.