ECLI:NL:RBDHA:2025:4808
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling in proceskosten na intrekking beroep wegens niet tijdig besluit
Verzoekster maakte bezwaar tegen een besluit van het bestuursorgaan en stelde het bestuursorgaan in gebreke wegens het niet tijdig nemen van een beslissing. Nadat verzoekster beroep had ingesteld en het bestuursorgaan alsnog een beslissing nam, trok verzoekster het beroep in en verzocht om veroordeling in de proceskosten. De rechtbank behandelde het verzoek zonder zitting en oordeelde dat het bestuursorgaan geheel aan het beroep tegemoet was gekomen door alsnog een besluit te nemen.
De rechtbank wees het verzoek om proceskostenveroordeling toe en bepaalde de hoogte van de vergoeding op basis van het Besluit proceskosten bestuursrecht, waarbij een factor voor licht gewicht werd toegepast. Tevens wees de rechtbank erop dat het bestuursorgaan verplicht is het griffierecht te vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter D.R. van der Meer en griffier M. Klaus op 21 maart 2025. Partijen werden geïnformeerd over de mogelijkheid tot verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het bestuursorgaan wordt veroordeeld tot betaling van € 453,50 aan proceskosten aan verzoekster.