ECLI:NL:RBDHA:2025:4836
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur indienen tegen niet tijdig beslissen mvv-aanvraag
Eisers hebben beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op hun aanvraag van 16 juli 2024 voor een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) in het kader van nareis.
Volgens artikel 6:12, tweede lid, van de Awb kan een beroep tegen niet tijdig beslissen pas worden ingediend nadat het bestuursorgaan schriftelijk in gebreke is gesteld en twee weken zijn verstreken na ontvangst van die ingebrekestelling. Eisers stuurden een ingebrekestelling op 18 februari 2025, ontvangen door de minister op 19 februari 2025.
Eisers dienden het beroep in op 25 februari 2025, wat te vroeg is omdat de termijn van twee weken na ontvangst van de ingebrekestelling pas op 6 maart 2025 zou zijn verstreken. Daarom voldoet het beroep niet aan de vereisten en wordt het niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en maakt de uitspraak zonder zitting bekend. De uitspraak is gedaan door rechter A.G.D. Overmars en griffier B.A. Smit.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de mvv-aanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur indienen.