ECLI:NL:RBDHA:2025:490
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen niet in behandeling nemen asielaanvraag wegens Dublinverantwoordelijkheid
De rechtbank Den Haag beoordeelt het beroep van eiser tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning asiel niet in behandeling te nemen. De minister baseert dit op de Dublinverordening, waarbij Duitsland verantwoordelijk wordt geacht voor de asielaanvraag.
Eiser, van Turkse nationaliteit, is op of omstreeks 9 december 2024 met onbekende bestemming vertrokken. Zijn gemachtigde heeft verklaard geen contact meer met hem te hebben sinds 30 december 2024. Hierdoor neemt de rechtbank aan dat eiser geen prijs meer stelt op de bescherming en op een inhoudelijke beoordeling van zijn beroep.
Gezien het ontbreken van procesbelang verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens worden geen proceskosten toegekend. De uitspraak is gedaan door voorzieningenrechter A.G.D. Overmars en openbaar gemaakt op 16 januari 2025.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen.