Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
- bepaald dat [de minderjarige]
- bepaald dat de moeder en [de minderjarige] met ingang van 17 juni 2023
- bepaald dat dat de kinderalimentatieverplichtingen van de vader voor [de minderjarige] met ingang van de datum van de beschikking
- vastgesteld dat de ouders al bij (aangehecht) proces-verbaal van doorverwijzing van de voorzieningenrechter in kort geding van 22 december 2022 zijn verwezen naar Kenniscentrum Kind en Scheiding voor deelname aan het traject Ouderschapsbemiddeling, en voor aanmelding bij de uitvoerende hulpverleningsinstantie;
- de Raad voor de Kinderbescherming (de Raad) verzocht bij een niet positief verlopen traject te bezien of een raadsonderzoek noodzakelijk is met inachtneming van hetgeen de rechtbank daarover in de overwegingen heeft opgenomen en, indien dat onderzoek noodzakelijk geacht wordt, dit onderzoek te verrichten met het omschreven doel en daarover aan de rechtbank te rapporteren en advies uit te brengen.
- bepaald dat
- vastgesteld dat partijen (opnieuw) zijn verwezen naar het Kenniscentrum Kind en Scheiding voor een traject ouderschapsbemiddeling en omgangsbegeleiding;
- de Raad verzocht een onderzoek te verrichten en daarover aan de rechtbank te rapporteren en adviseren.
- de vader, bijgestaan door zijn advocaat;
- de moeder, bijgestaan door haar advocaat;
- [naam] namens de Raad.
voorlopiggeen zorgregeling geldt tussen de moeder en [de minderjarige] , in afwachting van het verloop van de hulpverlening;
beslissing ten aanzien van de (definitieve) verdeling van de zorg- en opvoedingstaken en de nakoming van de zorgregeling op last van een dwangsom aan tot 15 januari 2026 pro forma;