Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
De verklaring van de verdachte, afgelegd op de terechtzitting van 6 februari 2025, voor zover inhoudende:
Het proces-verbaal van verhoor van verdachte [verdachte] , opgemaakt op 16 juli 2024, voor zover inhoudende (p. 55):
Het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt op 8 april 2024, voor zover inhoudende (p. 5 t/m 7 persoonsdossier):
Beelden Gemeente (Fruitweg 15-17)
18.32.10 uur
[verdachte] staat op het trottoir bij de Fruitweg 15-17 en draait zich volledig naar de camera. Duidelijk is te zien dat [verdachte] met voorwerpen in zijn handen loopt.
18.37.10 uur
[verdachte] loopt op het parkeerterrein gelegen aan de Fruitweg ter hoogte van nummer 15-17 en bukt zich twee keer. Op dat moment zijn er al meerdere tegels uit het trottoir gehaald en kapot gegooid.
[verdachte] staat op het stukje trottoir tussen de twee rijbanen op de rotonde bij de Fruitweg (in de richting van de Parallelweg). [verdachte] stapt met zijn rechterbeen naar achteren, buigt zijn rechterarm naar achteren en stapt vervolgens naar voren waarbij hij met kracht ook zijn rechterhand naar voren haalt in de richting van de op dat moment passerende ME-bussen. [verdachte] haalt hierna nogmaals zijn rechterarm naar achteren en maakt daarna opnieuw een gooiende beweging in de richting van de passerende ME-bus.
Zalencentrum, gelegen aan de Fruitweg, in vereniging geweld heeft gepleegd tegen:
eenjournalist en
een fotograafen personen in het Opera
Zalencentrum, en;
Zalencentrumen in de (directe) nabijheid gelegen gebouwen en een tankstation,
Zalencentrumte bestormen en te proberen binnen te dringen, onder andere door met meerdere personen tegelijk op de politie en het Opera
Zalencentrumaf te gaan/te rennen en te proberen zich door linies van de politie heen te dringen, en;
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
7.De vorderingen van de benadeelde partijen / de schadevergoedingsmaatregelen
8.De toepasselijke wetsartikelen
9. De beslissing
190 (HONDERDNEGENTIG) DAGEN;
60 (ZESTIG) DAGEN, niet zal worden tenuitvoergelegd onder de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
3 (DRIE) JARENvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
€ 5.000,-
€ 1.929,-, en de kosten die ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog gemaakt moeten worden;