ECLI:NL:RBDHA:2025:5295
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen naheffingsaanslag BPM voor geïmporteerde BMW X3 M40i afgewezen
Eiser betaalde BPM voor een geïmporteerde BMW X3 M40i, gebaseerd op een taxatierapport waarin schade werd meegenomen die de handelsinkoopwaarde verlaagde. Verweerder hief een naheffingsaanslag op basis van een controle door Domeinen Roerende Zaken (DRZ), die geen schade constateerde en een hogere handelsinkoopwaarde vaststelde.
De rechtbank oordeelt dat de herleidingsmethode van eiser niet wettelijk is toegestaan en dat de door verweerder gebruikte koerslijst beter aansluit bij de feitelijke kenmerken van de auto. Eiser slaagt er niet in aannemelijk te maken dat de auto meer schade heeft dan normale gebruikssporen, mede omdat DRZ geen schade vond en de foto’s onvoldoende bewijs leveren.
Ook het argument dat het ontbreken van een RDW-oordeel over de kilometerstand een waardevermindering rechtvaardigt, wordt verworpen wegens gebrek aan concrete aanwijzingen. De belastingrente is terecht in rekening gebracht. De redelijke termijn voor bezwaar en beroep is niet overschreden, waardoor vergoeding van immateriële schade niet aan de orde is.
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en wijst het verzoek om immateriële schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag BPM en belastingrente wordt ongegrond verklaard en het verzoek om immateriële schadevergoeding wordt afgewezen.