Uitspraak
Rechtbank den haag
1.De procedure
2.De feiten in conventie en in reconventie
[minderjarige 1], geboren op [geboortedatum 1] 2024 te [geboorteplaats] en
[minderjarige 2], geboren op [geboortedatum 2] 2021 te [geboorteplaats] .
Rechtbank Den Haag
De vader vordert een voorlopige contactregeling met zijn minderjarige kinderen en een informatieregeling, ondanks een contactverbod tussen hem en de moeder vanwege een aangifte van huiselijk geweld en bedreiging. De moeder verblijft met de kinderen in een code rood opvanglocatie, waar hun veiligheid wordt gewaarborgd.
Veilig Thuis rapporteert ernstige zorgen over de kinderen, met name over het gedrag van het jongste kind, en stelt veiligheidsvoorwaarden. Er loopt een onderzoek naar de veiligheid en mogelijke begeleide omgang, waarbij ook psychische problematiek bij de moeder is vastgesteld.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de situatie te complex is voor een kort geding en dat een bodemprocedure noodzakelijk is om de omgangsregeling en het contact tussen vader en kinderen te beoordelen. Ook wijst de rechter het verzoek tot een raadsonderzoek af, omdat de huidige hulpverlening eerst een beeld moet vormen van de problematiek.
De vorderingen van de vader worden afgewezen en partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter wijst het verzoek van de vader tot vaststelling van een omgangs- en informatieregeling af vanwege de complexe situatie met huiselijk geweld en lopende onderzoeken.