ECLI:NL:RBDHA:2025:5534
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Nigeriaanse homoseksuele man wegens onvoldoende aannemelijkheid
Eiser, een Nigeriaanse man, verzocht asiel in Nederland op grond van zijn homoseksuele gerichtheid en de daaruit voortvloeiende vervolgingsdreiging in Nigeria. Hij stelde dat hij na openbaring van zijn geaardheid op de universiteit moest stoppen en vreest terugkeer vanwege mogelijke vervolging.
De minister wees het asielverzoek af wegens onvoldoende onderbouwing van het asielmotief. De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende overtuigend heeft verklaard over zijn relaties en gevoelens, en dat zijn verklaringen over de houding van zijn familie en de Nigeriaanse samenleving vaag en inconsistent waren. Ook werd meegewogen dat eiser acht maanden wachtte met het indienen van zijn asielaanvraag.
De rechtbank vond dat de minister de verklaringen terecht niet in samenhang had beoordeeld en dat eiser voldoende gelegenheid had gehad om zijn verhaal toe te lichten. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van de Nigeriaanse asielzoeker wordt ongegrond verklaard wegens onvoldoende aannemelijkheid van zijn homoseksuele gerichtheid en vervolgingsdreiging.