Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 19 maart 2025 waarbij de minister van Asiel en Migratie de asielaanvraag niet in behandeling heeft genomen omdat Spanje daarvoor verantwoordelijk is. Verzoeker heeft tevens een voorlopige voorziening gevraagd.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting op grond van artikel 8:83 lid 3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. Bij een gelijktijdige uitspraak in een gerelateerde zaak (zaaknummer NL25.13046) is het beroep inhoudelijk behandeld.
Gezien de inhoudelijke uitspraak op het beroep en de omstandigheden van het geval, heeft de voorzieningenrechter het verzoek om voorlopige voorziening als kennelijk ongegrond afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het niet in behandeling nemen van de asielaanvraag is afgewezen.