ECLI:NL:RBDHA:2025:5657
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Weigering uitbetaling forfaitaire compensatie toeslagenaffaire wegens ontbreken kinderopvangtoeslagaanvraag
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen de weigering van de Dienst Toeslagen om hem het forfaitaire compensatiebedrag van €30.000 toe te kennen in het kader van de toeslagenaffaire.
Eiser had zich gemeld als gedupeerde en verzocht om een herbeoordeling van zijn recht op kinderopvangtoeslag. Zowel de lichte toets als de integrale beoordeling wezen uit dat eiser volgens de gegevens van verweerder nooit kinderopvangtoeslag heeft aangevraagd of ontvangen in de periode 2005 tot en met 2007. Hierdoor kon eiser niet als gedupeerde worden aangemerkt.
Eiser betwistte dit en verzocht om inzage in loggingsgegevens om aan te tonen dat hij wel aanvragen had ingediend. De rechtbank stelde echter vast dat in het dossier geen bewijs was van ingediende aanvragen, voorschotbeschikkingen of opvanggegevens. Ook was niet gebleken dat eiser daadwerkelijk kinderopvang had genoten of dat er sprake was van terugvordering of stopzetting van toeslag.
De rechtbank concludeerde dat eiser geen schade had geleden door het handelen van verweerder en dat er geen sprake was van institutionele vooringenomenheid of onbillijkheid. Daarom was de weigering om het forfaitaire bedrag uit te betalen terecht en werd het beroep ongegrond verklaard.
Uitkomst: De rechtbank weigert de uitbetaling van het forfaitaire compensatiebedrag omdat eiser geen kinderopvangtoeslag heeft aangevraagd of ontvangen.