ECLI:NL:RBDHA:2025:5659
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens ontbreken status gedupeerde toeslagenaffaire
Eiser verzocht om een forfaitaire compensatie van €30.000 als gedupeerde van de toeslagenaffaire. Verweerder weigerde dit op basis van een lichte toets, omdat uit diens gegevens bleek dat eiser nooit kinderopvangtoeslag had aangevraagd. Eiser betwistte dit en stelde dat hij telefonisch aanvragen had gedaan voor 2006 en 2007, maar verweerder overlegt geen telefoonnotities, wat schending van zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel inhoudt.
De rechtbank stelt vast dat tijdens de integrale beoordeling is gebleken dat eiser geen gedupeerde is. Omdat het beroep geen materieel gunstiger positie kan opleveren, ontbreekt het aan procesbelang. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard. Eiser krijgt geen vergoeding van proceskosten en het griffierecht wordt niet terugbetaald.
De uitspraak is gedaan door rechter A.M. de Wit op 20 maart 2025. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat hij geen gedupeerde is en het beroep hem geen materieel gunstiger positie kan bieden.