De rechtbank Den Haag heeft op 7 februari 2025 uitspraak gedaan in een echtscheidingszaak tussen een vrouw met dubbele nationaliteit en een Nederlandse man, gehuwd in 1997 in algemene gemeenschap van goederen. Partijen verzochten de echtscheiding uit te spreken met nevenvoorzieningen waaronder partneralimentatie en verdeling van de huwelijksgemeenschap, met name de woning.
De rechtbank stelde vast dat het huwelijk duurzaam ontwricht is en kende de echtscheiding toe. Het verzoek tot partneralimentatie werd afgewezen omdat de vrouw haar behoefte en de draagkracht van de man onvoldoende onderbouwde. De verdeling van de huwelijksgemeenschap vond plaats onder Nederlands recht, waarbij de woning aan de man werd toegedeeld met een waardepeildatum op het moment van indiening van het verzoek in juni 2024.
De rechtbank verwierp het verzoek van de man om de peildatum te wijzigen naar 2012, ondanks het vertrek van de vrouw uit de woning in 2006. De man mag de hypotheekaflossingen in mindering brengen op de overwaarde. De overige huwelijksgemeenschap werd niet als verdeeld erkend wegens onvoldoende onderbouwing. Proceskosten werden door partijen zelf gedragen.