ECLI:NL:RBDHA:2025:5963
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging terugkeerbesluit en inreisverbod wegens verblijf buiten EU
Eiser diende op 14 oktober 2024 een asielaanvraag in, waarna verweerder op 27 december 2024 een terugkeerbesluit en een inreisverbod van twee jaar oplegde, en de asielaanvraag buiten behandeling stelde. Eiser betoogde dat hij sinds 20 november 2024 niet meer in Nederland verbleef, maar in Engeland, en overlegde bewijsstukken zoals een registratiekaart, een verklaring van een vluchtelingenorganisatie en een bankafschrift.
De rechtbank oordeelde dat eiser voldoende had aangetoond dat hij ten tijde van het besluit niet op het grondgebied van Nederland of de EU verbleef. Verweerder had geen aanwijzingen die dit tegenspraken. Op grond van vaste jurisprudentie is een terugkeerbesluit alleen mogelijk als de vreemdeling zich illegaal op het grondgebied van een lidstaat bevindt.
Daarom werd het beroep gegrond verklaard en het terugkeerbesluit en het inreisverbod vernietigd. De overige onderdelen van het besluit bleven in stand. Tevens werd verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het terugkeerbesluit en het inreisverbod zijn vernietigd omdat eiser aantoonde dat hij ten tijde van het besluit buiten het grondgebied van de EU verbleef.