ECLI:NL:RBDHA:2025:5986
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot toelating wettelijke schuldsaneringsregeling wegens onvoldoende inspanningsverplichting
Verzoeker bevindt zich in een problematische schuldensituatie en heeft een verzoek ingediend om te worden toegelaten tot de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP), met een verzoek tot vervroegde ingangsdatum van de schuldsaneringstermijn.
Tijdens de zitting verklaarde verzoeker dat hij sinds 2023 een Participatiewet-uitkering ontvangt en niet solliciteert vanwege een langdurige blessure die hij als gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid ervaart. Medische rapportage van 20 mei 2024 concludeert echter dat verzoeker, rekening houdend met zijn beperkingen, in staat is passende werkzaamheden te verrichten zonder urenbeperking, waardoor hij ten minste 36 uur per week moet werken of solliciteren.
Ondanks herhaalde waarschuwingen tijdens het schuldhulpverleningstraject heeft verzoeker niet gesolliciteerd en onvoldoende blijk gegeven van bereidheid om zich in te spannen voor werk. De rechtbank acht daarom niet aannemelijk dat verzoeker de verplichtingen van de WSNP, met name de inspanningsverplichting, zal nakomen en wijst het verzoek af.
De rechtbank merkt op dat verzoeker een nieuw verzoek kan indienen mits hij zijn arbeidsongeschiktheid met medische stukken onderbouwt of aantoont dat hij actief solliciteert of betaald werk heeft gevonden.
De uitspraak is gedaan door rechter R. Cats in samenwerking met griffier C. Groesbeek en is openbaar uitgesproken op 10 april 2025.
Uitkomst: Verzoek tot toelating tot de WSNP wordt afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid dat verzoeker de inspanningsverplichting zal nakomen.