ECLI:NL:RBDHA:2025:6039
Rechtbank Den Haag
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Klacht gegrond verklaard over onjuiste aanzegging rustprogramma en insluiting in verplichte zorg
Verzoeker, verblijvend in een forensische zorginstelling, diende een klacht in tegen de zorgaanbieder over het niet correct aanzeggen van verplichte zorgmaatregelen, waaronder een rustprogramma en insluiting op zijn kamer.
De rechtbank oordeelde dat het rustprogramma, vanwege de sancties bij niet-naleving, als insluiting moet worden aangemerkt en derhalve schriftelijk moet worden aangezegd middels een 8:9-brief. Verzoeker had deze brief niet ontvangen, evenals zijn vertegenwoordigers, wat leidde tot gegrondverklaring van de klacht over het rustprogramma, het kamerprogramma op 20 en 21 januari en de insluiting in de extra beveiligde kamer (EBK) op 21 en 22 januari.
Andere klachten, zoals over het toedienen van medicatie, opname in de accommodatie en het kamerprogramma van 22 tot 27 januari, werden ongegrond verklaard vanwege proportionele toepassing en correcte aanzegging.
De rechtbank veroordeelde de zorgaanbieder tot een schadevergoeding van in totaal €567,50, gebaseerd op de Oriëntatiepunten voor schadevergoeding in verplichte zorgzaken, voor de onrechtmatige aanzeggingen en insluitingen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart de klacht over het rustprogramma en insluiting gegrond en veroordeelt de zorgaanbieder tot betaling van €567,50 schadevergoeding aan verzoeker.