ECLI:NL:RBDHA:2025:6202
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielverzoek Iraanse afvallige en bekeerling wegens onvoldoende geloofwaardigheid en risico-inschatting
Eiser, een Iraanse jongeman, verzocht asiel in Nederland op grond van afvalligheid van de islam en bekering tot het christendom. Hij stelde vervolging en gevaar voor zijn leven te vrezen bij terugkeer naar Iran. De minister wees zijn aanvraag af als kennelijk ongegrond, mede vanwege onvoldoende geloofwaardigheid van zijn bekering en het ontbreken van een reëel risico op ernstige schade.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht de afvalligheid en bekering als één verstrengeld proces heeft aangemerkt, en dat het rapport van Stichting Gave niet leidend is omdat deze organisatie geen integrale geloofwaardigheidsbeoordeling verricht. De verklaringen van eiser over zijn bekering waren oppervlakkig, tegenstrijdig en boden onvoldoende inzicht in zijn geloofsproces.
Verder stelde de rechtbank vast dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij bij terugkeer in Iran een reëel risico loopt op vervolging of ernstige schade, mede omdat hij legaal is vertrokken en er geen aanwijzingen zijn dat de autoriteiten op de hoogte zijn van zijn bekering. Zijn vrees voor dienstplicht werd niet als asielmotief aanvaard omdat dit niet eerder was ingebracht.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de asielaanvraag afgewezen. Eiser kreeg geen proceskostenvergoeding. De uitspraak werd gedaan door rechter N.M. Spelt op 7 maart 2025.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag wegens onvoldoende geloofwaardigheid en gebrek aan reëel vervolgingsrisico.