ECLI:NL:RBDHA:2025:6372
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing machtiging voorlopig verblijf wegens ontbreken meer dan gebruikelijke afhankelijkheid
Eiser, een Syrische jongvolwassene, verzocht om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) als familielid bij zijn moeder die in Nederland verblijft met een asielvergunning. Verweerder wees de aanvraag af omdat eiser niet onder het jongvolwassenenbeleid valt en geen meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie met zijn moeder heeft. Eiser voerde aan dat hij altijd deel uitmaakte van het gezin, ondanks zelfstandig wonen in Cyprus en Turkije, en dat hij emotioneel en financieel afhankelijk is vanwege zijn situatie in Dubai.
De rechtbank oordeelde dat verweerder terecht heeft geoordeeld dat eiser niet meer feitelijk tot het gezin behoort, mede vanwege zijn zelfstandige levensfase en studie in het buitenland. Ook is onvoldoende aangetoond dat er sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheid, aangezien eiser financieel en emotioneel zelfstandig lijkt te functioneren en zijn stellingen onvoldoende met bewijs onderbouwd zijn.
De rechtbank concludeert dat het beroep ongegrond is en bevestigt de afwijzing van de mvv-aanvraag. Eiser krijgt geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter M.D. Gunster en griffier P.P. Schaap.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de mvv-aanvraag wordt ongegrond verklaard en de aanvraag blijft geweigerd.