ECLI:NL:RBDHA:2025:6542
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Somalië wegens onvoldoende geloofwaardigheid en reëel risico
Eiseres, een vrouw van Somalische nationaliteit, verzocht om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Zij stelde dat zij onder dwang was uitgehuwelijkt aan een man die lid zou zijn van Al-Shabaab, mishandeld en verkracht was, en dat zij bij terugkeer naar Somalië risico liep op herbesnijdenis en gedood te worden door haar stiefvader of Al-Shabaab. De minister wees haar aanvraag af wegens onvoldoende geloofwaardigheid van haar relaas en het ontbreken van een reëel risico.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht de verklaringen over de uithuwelijking en mishandeling niet geloofwaardig achtte, mede vanwege tegenstrijdigheden en het ontbreken van objectief bewijs. Ook werd het voordeel van de twijfel niet toegekend omdat niet aan de cumulatieve voorwaarden van de Vreemdelingenwet was voldaan. De rechtbank volgde de minister in het oordeel dat eiseres niet als alleenstaande vrouw kon worden aangemerkt en dat een binnenlands beschermingsalternatief in Mogadishu aanwezig is.
Daarnaast was de vrees voor herbesnijdenis onvoldoende onderbouwd en was de zwangerschap geen apart asielmotief. De rechtbank vond het terugkeerbesluit terecht en verklaarde het beroep ongegrond. Eiseres kreeg geen verblijfsvergunning regulier en geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de asielaanvraag en het terugkeerbesluit.