Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
Beschikking van de kantonrechter
[naam] ,
[postbus] , [postcode 1] [vestigingsplaats] ,
Kamer van Koophandel-nummer [nummer] ,
Rechtbank Den Haag
De beschermingsbewindvoerder verzocht de kantonrechter om de hogere beloning voor problematische schulden toe te kennen over een periode na sanering van de schulden. De schulden van betrokkene werden kort na aanmelding bij de gemeentelijke schuldhulpverlening gesaneerd via een akkoord met schuldeisers, waardoor geen volledig saneringstraject van 18 maanden volgens MSNP of WSNP heeft plaatsgevonden.
De bewindvoerder had daardoor alleen recht op de hogere beloning over negen maanden, terwijl hij alle gebruikelijke werkzaamheden voor toeleiding naar schuldhulpverlening heeft verricht. De kantonrechter oordeelde dat het onredelijk is dat de bewindvoerder de extra uren die in de eerste maanden zijn gemaakt niet kan terugverdienen in latere maanden, en kende daarom de hogere beloning toe over een periode van 18 maanden vanaf de datum van aanmelding bij schuldhulpverlening.
De kantonrechter wees het verzoek af voor de periode na januari 2026, omdat hij niet kan compenseren voor de wetswijziging die de duur van de WSNP van 36 naar 18 maanden heeft verkort. Dit is volgens hem een zaak voor de wetgever. De beschikking werd gegeven door kantonrechter D. de Loor op 18 april 2025.
Uitkomst: De kantonrechter kent de hogere beloning toe over 18 maanden vanaf aanmelding schuldhulpverlening en wijst het verzoek voor de langere periode af.