ECLI:NL:RBDHA:2025:6638
Rechtbank Den Haag
- Vereenvoudigde behandeling
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroeg ingediend tegen niet tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser heeft een asielaanvraag ingediend op 1 december 2022. De minister van Asiel en Migratie heeft de beslistermijn met negen maanden verlengd, waardoor de uiterste beslisdatum verstreken was. Eiser heeft de minister op 11 maart 2024 schriftelijk verzocht alsnog binnen twee weken te beslissen, waarbij deze termijn op 13 maart 2024 begon te lopen.
Eiser heeft echter het beroepschrift ingediend op 25 maart 2024, vóór het verstrijken van de tweewekentermijn op 27 maart 2024. Hierdoor is het beroep prematuur en voldoet het niet aan de vereisten voor ontvankelijkheid bij een beroep tegen niet tijdig beslissen.
De rechtbank oordeelt daarom dat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is. De minister hoeft geen proceskosten te vergoeden. De uitspraak is gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 18 april 2025 door rechter A.G.D. Overmars.
Uitkomst: Het beroep tegen het niet tijdig beslissen op de asielaanvraag is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg indienen.