ECLI:NL:RBDHA:2025:6763
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen voortduren maatregel bewaring en schadeverzoek vreemdeling
De rechtbank Den Haag heeft op 18 april 2025 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd aan eiser op grond van de Vreemdelingenwet 2000. Eiser betoogde dat de minister onvoldoende voortvarend was bij zijn uitzetting naar Tunesië en verzocht tevens om schadevergoeding.
De rechtbank overwoog dat de maatregel tot het moment van het sluiten van het eerdere onderzoek rechtmatig was en richtte zich nu op de periode daarna. Uit de door de minister overgelegde voortgangsrapportage bleek dat er meerdere rappels waren verstuurd aan de Tunesische autoriteiten en dat er regelmatig vertrekgesprekken met eiser waren gevoerd. De rechtbank oordeelde dat deze handelingen toereikend waren en dat eiser bovendien geen actie had ondernomen om zijn vertrek te bespoedigen.
De aangevoerde beroepsgrond faalde en ook ambtshalve toetsing bracht geen reden tot vernietiging van de maatregel. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.