Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De onderzoekswensen
4.De geldigheid van de dagvaarding
5.De bewijsbeslissing
14 en 15 december2020, in Nederland, tezamen en in vereniging met anderen, opzettelijk aanwezig heeft gehad, grote hoeveelheden cocaïne en heroïne, zijnde cocaïne en heroïne telkens middelen als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I;
15februari 2021 in Nederland en Colombia en Turkije, tezamen en in vereniging anderen om een feit bedoeld in het vierde of vijfde lid van artikel 10 van Pro de Opiumwet, te weten het opzettelijk verkopen, afleveren, vervoeren en binnen/buiten het grondgebied van Nederland brengen van hoeveelheden cocaïne en heroïne, telkens een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I, voor te bereiden en te bevorderen, zich en anderen gelegenheid, middelen en inlichtingen tot het plegen van die feiten heeft getracht te verschaffen, immers heeft hij, verdachte
6.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
7.De strafbaarheid van de verdachte
8.De strafoplegging
9.De inbeslaggenomen voorwerpen
10.De toepasselijke wetsartikelen
gevangenisstrafvoor de duur van
6 (ZES) JARE
geldboetevan
€ 70.000,-;
351 dagen;