ECLI:NL:RBDHA:2025:7047
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening GVVA na afwijzing bezwaar minister
Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een gecombineerde vergunning voor verblijf en arbeid (GVVA), welke door de minister van Asiel en Migratie op 11 oktober 2023 is afgewezen. Na het indienen van bezwaar heeft de minister bij het besluit van 3 april 2024 de afwijzing gehandhaafd. Verzoekster heeft hiertegen beroep ingesteld bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening samen met een gerelateerde zaak op 12 februari 2025 behandeld, waarbij partijen en gemachtigden aanwezig waren. Namens het UWV was ook een gemachtigde aanwezig.
Op 26 maart 2025 heeft de rechtbank uitspraak gedaan in de hoofdzaak (zaaknummer AWB 24/6940), waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk was. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening daarom afgewezen en geen vergoeding van griffierecht toegekend.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de hoofdzaak reeds is behandeld en beslist.