ECLI:NL:RBDHA:2025:7194
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag Somalische Benadiri wegens onvoldoende geloofwaardigheid en geen reëel vervolgingsrisico
Eiser, van Somalische nationaliteit en behorend tot de Benadiri bevolkingsgroep, verzocht om een verblijfsvergunning asiel. Hij stelde te worden bedreigd door een gewapende groep en vreesde voor zijn leven na de dood van zijn neef. De minister wees de aanvraag af wegens onvoldoende onderbouwing en ongeloofwaardigheid van de bedreigingen en concludeerde dat eiser veilig via een bootverbinding van Mogadishu naar Marka kan reizen.
De rechtbank behandelde het beroep en oordeelde dat de minister de geloofwaardigheid van eisers verhaal terecht in twijfel trok, onder meer vanwege onlogische verklaringen over het openen van de winkel en het achterlaten van zijn gezin. Ook werd geoordeeld dat de discriminatie van de Benadiri niet zodanig ernstig was dat sprake is van vervolging in de zin van het Vluchtelingenverdrag.
Verder vond de rechtbank dat de minister terecht concludeerde dat de bootverbinding veilig is, ondanks recente aanslagen. Het beroep werd ongegrond verklaard en eiser kreeg geen vergoeding van proceskosten. De uitspraak werd gedaan door rechter J.O.Y. Elagab.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard.