Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
meer dan 1 miljardkeer waarschijnlijker wanneer het DNA afkomstig is van [verdachte] en een willekeurige onbekende persoon, dan wanneer het DNA afkomstig is van twee willekeurige onbekende personen.
De rechtbank gaat hier niet in mee. Uit de herkenning leidt de rechtbank af dat er op zijn minst een zeer sterke gelijkenis is tussen de verdachte en de man op de beelden. Dat gegeven moet niet op zichzelf worden beschouwd, maar in relatie met de overige bewijsmiddelen. Het in de buurt aantreffen van een gelijkaardige pet als de brandstichter op de beelden op had, de DNA-match van sporen op die pet met de verdachte, en ten slotte de gelijkenis van de verdachte met de persoon op de beelden, leiden samen tot de conclusie dat de verdachte de brand heeft gesticht.
ander,
4.De strafbaarheid van het bewezen verklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De strafoplegging
drie jaarpassend en geboden.
7.De vordering van de benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
8.De toepasselijke wetsartikelen
9.De beslissing
gevangenisstrafvoor de duur van
3 (DRIE) JAREN;
€ 6.632,19en veroordeelt de verdachte om dit bedrag, vermeerderd met de gevorderde wettelijke rente daarover vanaf 7 oktober 2024 tot de dag waarop deze vordering is betaald, te betalen aan [naam 1] ;
,ten behoeve van [naam 1] ;