ECLI:NL:RBDHA:2025:7368
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen voortduren maatregel van bewaring en schadevergoeding in vreemdelingenrecht
De rechtbank Den Haag behandelde het beroep van eiser tegen het voortduren van een maatregel van bewaring opgelegd door de minister van Asiel en Migratie. De maatregel was opgelegd op 20 februari 2025 en opgeheven op 16 april 2025. De rechtbank had de rechtmatigheid van de maatregel tot 5 maart 2025 reeds eerder beoordeeld en achtte deze rechtmatig.
De beoordeling richtte zich daarom op de periode tussen 5 maart 2025 en 16 april 2025, waarin het voortduren van de bewaring werd getoetst. Eiser voerde geen gronden aan om het voortduren van de bewaring aan te vechten. De rechtbank voerde een ambtshalve toetsing uit, mede op basis van het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 8 november 2022.
De rechtbank concludeerde dat het voortduren van de maatregel gedurende de relevante periode niet onrechtmatig was. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak is definitief en in het openbaar gedaan.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.