ECLI:NL:RBDHA:2025:7794
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen vaststelling Toelage Buitenland loonstroken defensieambtenaar
Eiser, een defensieambtenaar geplaatst in Hongarije, maakte bezwaar tegen de vaststelling van zijn Toelage Buitenland over diverse loonstroken van juni 2021 tot mei 2024. Hij betoogde dat de toelage onjuist was berekend, met name door een onjuiste toepassing van de koopkrachtcomponent en het ontbreken van maandelijkse loonspecificaties.
Verweerder verklaarde het bezwaar tegen loonstroken van juni 2021 tot juli 2023 niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding, en wees de overige bezwaren af omdat de berekening volgens hem juist was. De rechtbank oordeelde dat eiser inderdaad te laat was met een deel van zijn bezwaren, maar dat de berekening van de toelage voor de overige maanden correct was, mede omdat de koopkrachtcomponent maandelijks kan variëren door wisselende koersen.
De rechtbank verwierp het betoog dat verweerder verplicht was maandelijks loonspecificaties te verstrekken, aangezien de benodigde gegevens openbaar worden gemaakt. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard en eiser kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de vaststelling van de Toelage Buitenland is ongegrond verklaard.