Uitspraak
Rechtbank DEN HAAG
1.Het onderzoek ter terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De bewijsbeslissing
17 april 2025 voor zover inhoudende:
17 april 2025;
17 april 2025;
17 april 2025;
hij op 7 oktober 2022 te Rijswijk opzettelijk een ambtenaar, te weten [naam 1] , gedurende de rechtmatige uitoefening van zijn bediening, in zijn tegenwoordigheid, mondeling heeft beledigd, door hem de woorden toe te voegen: “kanker op, kankerlul”;
hij op 7 oktober 2022 te Rijswijk, zich met geweld heeft verzet tegen een ambtenaar,
- een (geïmproviseerd) explosief, samengesteld uit drie 1,5 liter flessen gevuld met motorbenzine en hieraan geplakt een T-IED (Timed Improvised Explosive Device) en voorzien van een aansteek lont en
- een aansteker
bestemd tot het begaan van dat misdrijf,
voorhanden heeft gehad;
hij op 4 augustus 2023 te Dordrecht een wapen van categorie II, onder 7 van de Wet wapens en munitie, te weten een explosief bestaande uit drie 1,5 liter flessen gevuld met motorbenzine met daaraan vast gemaakt een T-IED (Timed Improvised Explosive
Device), zijnde een voorwerp bestemd voor het treffen van personen of zaken door vuur of door middel van ontploffing voorhanden heeft gehad;
hij op 16 oktober 2024 te Zoetermeer een wapen van categorie III, onder 1 van de Wet wapens en munitie, te weten een vuurwapen, van het merk Blow, type TR92 K, kaliber 9mm, omgebouwd naar volledig scherpschietend, kaliber 7.65 mm zijnde een vuurwapen in de vorm van een revolver en/of pistool voorhanden heeft gehad;
hij op 16 oktober 2024 te Zoetermeer munitie van categorie III van de Wet wapens en munitie, te weten drie kogels, volmantel van het kaliber .32 auto (7.65 mm) voorhanden heeft gehad.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De op te leggen straf
- opname in een zorginstelling;
- verplichte dagbesteding;
- meewerken aan middelencontrole.
7.De vordering van de benadeelde partij
8.De inbeslaggenomen voorwerpen
9.De vordering tot tenuitvoerlegging
10.De toepasselijke wetsartikelen
11.Bijlage
12.De beslissing
wederspannigheid;
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
handelen in strijd met artikel 26, eerste lid, van de Wet wapens en munitie;
jeugddetentievoor de duur van
13 MAANDEN;
2 MAANDEN, niet ten uitvoer zal worden gelegd als de veroordeelde zich voor het einde van de hierbij op
twee jarenvastgestelde proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;