ECLI:NL:RBDHA:2025:791
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens gebrek aan aannemelijkheid reëel risico vervolging
Eiser, van Gambiaanse nationaliteit, diende op 6 november 2023 een opvolgende asielaanvraag in nadat eerdere aanvragen waren afgewezen en bevestigd door de Raad van State. Hij stelde vrezen voor detentie vanwege een arrestatiebevel en verstoting door zijn familie wegens het niet meer praktiseren van de Islam.
De rechtbank oordeelde dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat hij een reëel risico loopt op ernstige schade of vervolging in Gambia. Het overgelegde arrestatiebevel was een kopie zonder authenticiteitsbewijs en eiser had onvoldoende inspanningen verricht om bewijs te verkrijgen. Ook was niet gebleken dat zijn familie op de hoogte is van zijn geloofsafval en dat hij daadwerkelijk gevaar loopt.
De minister mocht het beroep afwijzen als kennelijk ongegrond en een inreisverbod opleggen. De rechtbank bevestigde dit oordeel en wees het beroep af. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding en kan binnen een week hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het besluit blijft in stand.