Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoekster], verzoekster
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoekster, een Roemeense statushouder, had beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Asiel en Migratie om haar asielaanvraag niet-ontvankelijk te verklaren. Zij verzocht tevens om een voorlopige voorziening om het bestreden besluit tijdelijk buiten werking te stellen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek om een voorlopige voorziening beoordeeld zonder zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht. Tegelijkertijd heeft de rechtbank uitspraak gedaan in de hoofdzaak en het beroep ongegrond verklaard.
Gezien de ongegrondverklaring van het beroep achtte de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wees het verzoek af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tegen de niet-ontvankelijkverklaring van de asielaanvraag is afgewezen.