De kinderrechter van de Rechtbank Den Haag heeft op 23 april 2025 een beschikking gegeven in een zaak betreffende een minderjarige geboren in 2008. De Raad voor de Kinderbescherming verzocht om ondertoezichtstelling voor de duur van een jaar en een machtiging tot uithuisplaatsing in een gesloten accommodatie voor zes maanden. De minderjarige vertoonde ernstige ontwikkelingsbedreiging door een onveilige en instabiele opvoedomgeving, middelengebruik, agressie en psychische problemen.
Tijdens de procedure bleek dat de minderjarige sinds oktober 2024 bij een gesloten instelling verbleef en recentelijk een crisismaatregel en zorgmachtiging had gekregen vanwege een psychotisch toestandsbeeld. De minderjarige was inmiddels gestabiliseerd en teruggekeerd naar een gesloten accommodatie waar zij baat leek te hebben bij de structuur en regels.
De kinderrechter oordeelde dat de gronden voor ondertoezichtstelling aanwezig zijn en dat de machtiging tot uithuisplaatsing noodzakelijk is om de minderjarige te beschermen en te begeleiden richting meerderjarigheid. De machtiging tot gesloten jeugdhulp kan niet gelijktijdig met een zorgmachtiging bestaan, maar bij een eventuele ontregeling kan een nieuwe zorgmachtiging worden aangevraagd.
De beschikking stelt de minderjarige onder toezicht van de gecertificeerde instelling voor een jaar en verleent een machtiging tot uithuisplaatsing in een gesloten accommodatie voor zes maanden, met onmiddellijke werking. Het verzoek tot een kortere machtiging werd afgewezen, en het belang van stabiliteit en behandeling werd benadrukt.