ECLI:NL:RBDHA:2025:8162
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens prematuur ingebrekestelling bij asielaanvraag onder Dublinverordening
Eiser heeft op 30 september 2023 een asielaanvraag ingediend in Nederland. De minister heeft vervolgens op 30 oktober 2023 een verzoek aan Frankrijk gedaan om eiser terug te nemen, dat op 15 november 2023 werd geweigerd. Pas vanaf dat moment werd Nederland verantwoordelijk voor de behandeling van de aanvraag volgens de Dublinverordening.
De minister heeft de beslistermijn verlengd met negen maanden op grond van het besluit WBV 2023/3, dat geldt voor asielaanvragen ingediend tussen 1 januari 2023 en 1 januari 2024. Eiser stelde dat deze verlenging in strijd was met de zesmaandentermijn uit de Definitierichtlijn, en stelde dat de minister onrechtmatig handelde.
De rechtbank oordeelt dat de verlenging van de beslistermijn rechtsgeldig is en dat de ingebrekestelling van eiser op 2 januari 2025 te vroeg was, omdat de beslistermijn pas vanaf 15 november 2023 begon te lopen. Hierdoor is niet voldaan aan de voorwaarden voor beroep tegen het niet tijdig beslissen. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard.
De rechtbank zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling en wees het beroep af zonder inhoudelijke behandeling op een zitting.
Uitkomst: Het beroep van eiser wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens prematuur ingediende ingebrekestelling.