Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[naam], V-nummer: [nummer 1], verzoekster,
,
Rechtbank Den Haag
Verzoekster heeft een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend, welke door de minister van Asiel en Migratie niet in behandeling is genomen vanwege de verantwoordelijkheid van Duitsland volgens de Dublin-verordening.
Tegen dit besluit heeft verzoekster beroep ingesteld en tevens een voorlopige voorziening gevraagd. De voorzieningenrechter heeft het verzoek om voorlopige voorziening zonder zitting beoordeeld.
De rechtbank heeft bij uitspraak het beroep ongegrond verklaard, waardoor de voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk is. De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om voorlopige voorziening af. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat de rechtbank het beroep ongegrond heeft verklaard en Duitsland verantwoordelijk is voor de asielprocedure.