ECLI:NL:RBDHA:2025:8349
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing asielaanvraag wegens ongeloofwaardige motieven en onvoldoende bewijs
Eiser, een Turkse nationaliteit, vroeg asiel aan in Nederland na vermeende vervolging wegens belediging van de Turkse president en vermeende betrokkenheid bij de PKK via familieleden. De minister wees de aanvraag af als kennelijk ongegrond, omdat de asielmotieven 2 en 3 niet geloofwaardig werden geacht en eiser onvoldoende originele documenten overlegde.
De rechtbank oordeelde dat de minister terecht de geloofwaardigheid van de verklaringen en documenten in twijfel trok. Eiser maakte geen gebruik van de mogelijkheid om originele documenten aan te leveren, en de vertalingen konden niet worden onderzocht op betrouwbaarheid. Ook werd vastgesteld dat eiser zijn asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk had ingediend zonder verschoonbare reden.
De rechtbank vond dat eiser geen reëel risico liep op ernstige schade bij terugkeer naar Turkije en dat het opleggen van een terugkeerbesluit met onmiddellijke vertrektermijn en een inreisverbod voor twee jaar gerechtvaardigd was. Het beroep werd ongegrond verklaard en het bestreden besluit bleef in stand.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de asielaanvraag wordt ongegrond verklaard en het bestreden besluit blijft in stand.