Uitspraak
RECHTBANK Den Haag
1.De procedure
- de conclusie van antwoord in conventie, tevens conclusie van eis in reconventie van 29 oktober 2024, met producties 1 tot en met 16;
2.De feiten
Fase 1: Startdatum eerste of tweede week november
€ 9.450,-
3.Het geschil
4.De beoordeling
ernstige oplichting’ onrechtmatig is. Deze bewoordingen vinden geen steun in het beschikbare feitenmateriaal. De rechtbank oordeelt daarom dat [naam 1] gehouden is binnen twee weken na de betekening van dit vonnis de term ‘
ernstige oplichting’ uit de review te (laten) verwijderen en verwijderd te houden. De rechtbank acht oplegging van een dwangsom aangewezen, als stimulans tot nakoming van de hiervoor weergegeven beslissing om de review op het genoemde punt aan te passen. De gevraagde dwangsom wordt beperkt tot € 10,00 per dag, met een maximum van € 500,00. Vordering III wordt tot zover toegewezen.