ECLI:NL:RBDHA:2025:8621
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen kennisgeving wijziging geboortedatum in asielprocedure
Eiser heeft beroep ingesteld tegen de kennisgeving van de minister waarbij zijn geboortedatum werd aangepast van minderjarig naar meerderjarig in het kader van zijn asielprocedure. De minister baseerde deze wijziging op een onderzoek in Griekenland waaruit bleek dat eiser daar als meerderjarig stond geregistreerd.
De rechtbank overweegt dat de kennisgeving een besluit is in de zin van de Algemene wet bestuursrecht en een verandering teweegbrengt in de juridische status van eiser. Eiser stelde dat hij door deze wijziging rechtstreeks in zijn belangen werd geraakt, onder verwijzing naar jurisprudentie van het Hof van Justitie en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
De rechtbank oordeelt echter dat eiser niet heeft aangetoond dat hij specifiek en rechtstreeks in zijn belangen is getroffen door de kennisgeving. Het onderzoek naar adequate opvangmogelijkheden in het land van herkomst maakt onderdeel uit van de asielprocedure en staat niet los van het voor te bereiden besluit. Eiser kan zijn belangen in de asielprocedure zelf aan de orde stellen.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond en wijst het af. Eiser krijgt geen proceskostenvergoeding. De uitspraak is gedaan door rechter B. Fijnheer en griffier Z.P. de Wilde op 7 maart 2025.
Uitkomst: Het beroep tegen de kennisgeving wijziging geboortedatum wordt ongegrond verklaard.