Uitspraak
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
[verzoeker], verzoeker,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Inleiding
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Verzoeker heeft op 2 oktober 2023 een aanvraag ingediend voor vernieuwing van zijn verblijfsdocument. De minister van Asiel en Migratie heeft deze aanvraag bij besluit van 16 januari 2024 afgewezen en de verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd met terugwerkende kracht ingetrokken. Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt, dat bij besluit van 31 juli 2024 is afgewezen. Vervolgens heeft verzoeker beroep ingesteld bij de rechtbank.
De voorzieningenrechter behandelt in deze uitspraak het verzoek om een voorlopige voorziening in afwachting van de uitspraak op het beroep. Op 14 mei 2025 heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep en dit ongegrond verklaard. Gezien deze uitspraak is een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk.
Daarom wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening af. Tevens is er geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan zonder zitting en is definitief, hoger beroep of verzet is niet mogelijk.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt afgewezen omdat het beroep ongegrond is verklaard.