ECLI:NL:RBDHA:2025:8801
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep tegen afwijzing verzoek ambtshalve WOZ-waardevermindering
Belanghebbende heeft bezwaar gemaakt tegen de WOZ-waarde van zijn woning, maar dit bezwaar werd buiten de termijn ingediend en daarom niet-ontvankelijk verklaard door de heffingsambtenaar. Ondanks deze niet-ontvankelijkheid heeft belanghebbende verzocht om ambtshalve vermindering van de WOZ-waarde, wat door de heffingsambtenaar is afgewezen.
De rechtbank heeft onderzocht of het verzoek om ambtshalve vermindering terecht is afgewezen. Gelet op het gesloten stelsel van rechtsmiddelen in het belastingrecht is vastgesteld dat tegen de afwijzing van een dergelijk verzoek geen beroep openstaat bij de belastingrechter. Hierdoor is het beroep van belanghebbende niet-ontvankelijk verklaard.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de rechtbank Den Haag op 8 april 2025 en in het openbaar uitgesproken. Partijen kunnen binnen zes weken hoger beroep instellen bij het gerechtshof Den Haag.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van het verzoek om ambtshalve vermindering van de WOZ-waarde is niet-ontvankelijk verklaard.