ECLI:NL:RBDHA:2025:8826
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling en specificatie servicekosten onderhuurovereenkomst klimhal Walhalla
De zaak betreft een geschil tussen Stichting Exploitatie Haagse Sport Centrale en Klim- en Boulderhal Laak B.V. (KBL) over betaling en specificatie van servicekosten in een onderhuurovereenkomst voor een klim- en boulderhal in Den Haag.
Haagse Sport Centrale vordert betaling van openstaande facturen en voorschotten servicekosten, ontruiming van het gehuurde en proceskosten. KBL betwist de hoogte van de servicekosten, voert opschorting aan wegens onduidelijkheid over de berekening en vordert inzage in onderliggende stukken.
De kantonrechter oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt voor betaling van facturen uit 2023 en voorschotten over november 2023 tot juli 2024, mede door het aanzienlijke restitutierisico vanwege de hogere schuld van Haagse Sport Centrale aan de gemeente. Wel moet KBL de opgeschorte voorschotten vanaf januari 2025 tot mei 2025 betalen, waarbij een aangekondigde verhoging per mei 2025 wordt niet in aanmerking genomen wegens exorbitantie.
In reconventie wordt de primaire vordering van KBL tot vaststelling servicekosten afgewezen, maar Haagse Sport Centrale wordt veroordeeld om binnen een maand inzage te geven in de stukken die de berekening van de servicekosten over 2022-2024 onderbouwen en haar jaarstukken over die jaren.
Beide partijen dragen hun eigen proceskosten. De vordering tot ontruiming wordt afgewezen wegens onvoldoende waarschijnlijkheid van ontbinding van de huurovereenkomst.
Uitkomst: KBL moet voorschotten servicekosten vanaf januari 2025 betalen en Haagse Sport Centrale moet inzage geven in onderliggende stukken; overige vorderingen worden afgewezen.