ECLI:NL:RBDHA:2025:9000
Rechtbank Den Haag
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening in Dublinprocedure asielaanvragen
De minister van Asiel en Migratie heeft op 27 januari 2025 besluiten genomen waarbij de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling zijn genomen. Dit omdat België verantwoordelijk wordt geacht voor de behandeling van deze aanvragen op grond van de Dublinverordening.
Verzoekers hebben tegen deze besluiten beroep ingesteld en tevens voorlopige voorzieningen gevraagd. De voorzieningenrechter heeft de verzoeken op 18 februari 2025 behandeld, waarbij verzoekers en hun gemachtigde aanwezig waren, evenals de gemachtigde van de minister.
Gezien de uitspraak in de samenhangende zaken NL25.4174, NL25.4176 en NL25.4179, acht de voorzieningenrechter een voorlopige voorziening niet langer noodzakelijk en wijst de verzoeken af. Er is geen aanleiding tot proceskostenveroordeling. Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.
Uitkomst: Verzoeken om voorlopige voorziening worden afgewezen omdat een voorlopige voorziening niet meer nodig is na uitspraak in samenhangende zaken.