ECLI:NL:RBDHA:2025:9130
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag Syriër ondanks moratorium
Eiser, afkomstig uit Syrië, diende op 4 juli 2023 een asielaanvraag in. Na het verstrijken van de beslistermijn stuurde eiser op 13 november 2024 een ingebrekestelling naar verweerder, die niet tijdig een besluit nam. Op 14 december 2024 werd een besluit- en vertrekmoratorium ingesteld voor Syriërs, dat de beslistermijn verlengt tot maximaal 21 maanden.
De rechtbank constateert dat de maximale beslistermijn van 21 maanden inmiddels is verstreken, waardoor verweerder alsnog verplicht is te beslissen. Het beroep tegen het niet tijdig beslissen is daarom gegrond verklaard. De rechtbank legt een termijn van acht weken op waarbinnen verweerder de beslissing moet nemen, mede gelet op een eerder gehouden nader gehoor op 28 maart 2024.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100 per dag dat de beslissing uitblijft, met een maximum van €15.000. Eiser krijgt tevens een proceskostenvergoeding van €453,50 toegekend. Een tweede beroep van eiser op dezelfde aanvraag wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het belang is komen te vervallen.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en verweerder moet binnen acht weken alsnog beslissen onder dreiging van een dwangsom.