ECLI:NL:RBDHA:2025:9152
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Hanssen - Telman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag verblijfsvergunning humanitair tijdelijk wegens ontbreken mvv-vrijstelling en oplegging inreisverbod
Eiser, die sinds 1993 in Nederland verblijft en een verblijfsvergunning asiel voor onbepaalde tijd had, werd zijn vergunning ingetrokken vanwege criminele antecedenten. Hij vroeg een verblijfsvergunning humanitair tijdelijk aan, met beroep op vrijstelling van het mvv-vereiste op grond van buiten schuld en artikel 8 EVRM Pro. De minister wees dit af en legde een zwaar inreisverbod op.
De rechtbank oordeelt dat eiser niet voldoet aan de voorwaarden voor vrijstelling van het mvv-vereiste, omdat hij geen bemiddelingsverzoek bij DT&V heeft ingediend en geen zwaarwegend advies heeft. Ook is geen sprake van beschermenswaardig gezins- of familieleven met zijn kinderen, en is de belangenafweging van de minister in zijn nadeel terecht.
De rechtbank bevestigt dat het inreisverbod terecht is opgelegd vanwege openbare orde aspecten en dat er geen bijzondere omstandigheden zijn om van het beleid af te wijken. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiser krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning humanitair tijdelijk wordt ongegrond verklaard en het tienjarig inreisverbod bevestigd.