ECLI:NL:RBDHA:2025:9175
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herstel van behandeling aanvraag verblijfsvergunning medische gronden na onterecht buitenbehandelingstelling
Eiser diende een aanvraag in voor een verblijfsvergunning regulier voor bepaalde tijd met als doel medische behandeling. De minister stelde de aanvraag buiten behandeling wegens het niet tijdig aanleveren van medische bewijsstukken.
In de bezwaarprocedure overwoog de minister dat de aanvraag terecht buiten behandeling was gesteld, maar de rechtbank oordeelde dat de minister in bezwaar ook de opportuniteit van het besluit moet toetsen. De minister kon niet aannemelijk maken dat herbehandeling meer tijd kost dan een nieuwe aanvraag.
De rechtbank vernietigde het bestreden besluit en bepaalde dat de minister de aanvraag alsnog in behandeling neemt, met inachtneming dat verouderde medische informatie opnieuw moet worden ingewonnen. Tevens werd de minister veroordeeld tot betaling van proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de minister wordt verplicht de aanvraag voor een verblijfsvergunning medische behandeling alsnog in behandeling te nemen.